Ga naar hoofdinhoud

Gezondheid

preventie en toegankelijke zorg voor iedereen

Lees verder
Waar staan we nu
Hoe gaan we verder

Wat willen we bereiken?


Gezondheid is belangrijk. Het helpt mensen om een goed leven te leiden, zelf en met elkaar. Gezondheid is niet alleen essentieel voor het individu, maar ook voor de gemeenschap als geheel. Het draagt bij aan een hogere levenskwaliteit en het welzijn van alle betrokkenen. Wanneer de gezondheid wankelt, wil iedereen rekenen op kwalitatief goede, toegankelijke en betaalbare zorg.

Deze zorg staat echter landelijk en regionaal nog steeds onder grote druk als gevolg van vergrijzing, een toenemende zorgbehoefte en een tekort aan zorgpersoneel. Het gevolg is niet alleen een grotere belasting van zorgprofessionals, maar ook langere wachttijden, overbelasting van zorginstellingen en onzekerheid over de houdbaarheid van het zorgsysteem.

In 2025 wordt duidelijk dat de samenleving steeds meer inzet op ondersteuning in de eigen leefomgeving. Lokale netwerken, buurtinitiatieven en integrale samenwerking tussen zorg, welzijn en gemeenten spelen een grotere rol, waardoor mensen dichter bij huis passende hulp kunnen krijgen. Hier worden stappen in gezet, maar de echte transformatie die nodig is moet nog komen.

Vanuit de Sociale Agenda 2024-2029 zetten wij ons in om hier verandering in te realiseren, met de volgende doelstellingen:

Doelstellingen

  1. Inwoners leven langer in goede gezondheid en hebben toegang tot betaalbare zorg 
  2. Alle inwoners van Drenthe hebben gelijke kansen op passende zorg
  3. In 2027, bij de uitkomst van de volgende gezondheidsmonitor, is het percentage Drentse jongeren dat zich gezond voelt substantieel gestegen

Waar staan we nu?


De inwoners van Drenthe zijn over het algemeen tevreden over hun gezondheid. Na een daling in het percentage inwoners die hun eigen gezondheid als (zeer) goed ervaren tijdens de coronapandemie, zien we nu weer een stijging. Volgens de meest recente cijfers (2024) beoordeelt 74,2% van de volwassen Drenten als (zeer) goed. Dit is gelijk aan het landelijk gemiddelde, maar nog altijd lager dan voor de coronapandemie (79,3%). In de meeste gemeenten schommelt dit cijfer rond het Drents gemiddelde, met uitschieters in Assen (71,9%) en De Wolden (78,7%) (zie grafiek % (zeer) goed ervaren gezondheid volwassenen). Als we verder zouden inzoomen, dan zullen we zien dat op wijk- of buurtniveau de cijfers verder uiteenlopen. Helaas zijn deze cijfers maar zeer beperkt beschikbaar. Toch vinden we het vanuit de Sociale Agenda erg belangrijk om onze inzet te richten op de specifieke doelgroepen met meer gezondheidsachterstanden.

In de maatschappij zien we het besef toenemen dat gezondheid breder is dan zorg alleen. Welzijn, sociale verbondenheid en eigen regie zijn cruciale factoren in een vergrijzende samenleving. Door samenredzaamheid en maatschappelijke ondersteuning te versterken, kan de druk op het zorgsysteem worden verlicht en blijft de kwaliteit van leven voor iedereen beter gewaarborgd.

Om de zorg in Drenthe toegankelijk, goed en betaalbaar te houden, hebben zorg- en welzijnsorganisaties, gemeenten, provincie, zorgverzekeraars en inwoners de handen ineengeslagen. In de netwerkorganisatie Gezonde Marke wordt samengewerkt aan het realiseren van de Drentse droom: “In 2024 hebben kwetsbare groepen 10 gezonde levensjaren erbij gekregen. Welzijn en welbevinden is voor iedereen versterkt. Alle inwoners van Drenthe hebben gelijke kansen op passende zorg.” Als provincie zijn we nauw betrokken bij de Gezonde Marke en zorgen we dat onze inzet aansluit bij de beweging van de Gezonde Marke. Dit gaat verder dan onze inzet op het thema gezondheid, maar raakt ook aan alle andere thema’s van de Sociale Agenda. Juist op de verbinding tussen verschillende beleidsterreinen kunnen we een waardevolle bijdrage leveren. Lees hier meer over de Gezonde Marke.

In 2024 hebben kwetsbare groepen 10 gezonde levensjaren erbij gekregen. Welzijn en welbevinden is voor iedereen versterkt. Alle inwoners van Drenthe hebben gelijke kansen op passende zorg.”

Een belangrijke beweging waarmee dit in de praktijk wordt gebracht, is het ontstaan van zorgzame gemeenschappen. In Drenthe zijn al verschillende ontwikkelingen die stappen zetten binnen deze ambitie. Het doel is om aan het einde van 2026 25 zorgzame gemeenschappen te hebben, twee in iedere gemeente. Een jaar nadat de gemeenten hebben ingestemd met de beweging zorgzame gemeenschappen is er opdracht gegeven voor een evaluatie. De resultaten hiervan worden in Q1 van 2026 gepresenteerd aan de VDG portefeuille Gezondheid en Welzijn. Daarnaast zal de wet Domein-Overstijgende Samenwerking (DOS) worden geïmplementeerd. Na een succesvolle Drentse lobby is deze op 11 februari 2025 aangekomen in de tweede kamer en op 22 april 2025 in de eerste kamer. Met de ingang van deze wet komt er meer ruimte voor zorgkantoren om te investeren in preventie. Door de toevoeging van het amendement Bushoff wordt de kwaliteit van leven ook als voorwaarde meegenomen, in plaats van dat investeringen alleen financieel moeten renderen. De provincie ondersteunt de uitrol van zorgzame gemeenschappen in de vorm van een adviseur. (lees verder in het interview)

Zorgzame gemeenschappen + wet DOS – Roeli Mossel

Klik hier voor het interview

Interview

Kansrijke Start – VoorZorg

Klik hier voor het interview

Interview

De brede blik op gezondheid is ook terug te zien in het nieuwe Aanvullend Zorg en Welzijnsakkoord (AZWA), welke in september 2025 is ondertekend door gemeenten. Het AZWA is de opvolging van het eerdere Integraal Zorgakkoord (IZA). Het grote verschil is dat het AZWA erkent dat veel zorgvragen door sociaal werk, preventie en maatschappelijke ondersteuning voorkomen kunnen worden en dat de gemeenten (met name het sociaal domein) hier een cruciale rol in hebben. Door deze structureel grotere rol voor gemeenten en het bewogen proces om tot het AZWA te komen is goede afstemming tussen gemeenten, provincie en het Rijk erg belangrijk. Hiervoor ondersteunen we jaarlijks de Drentse regiocoördinator Gezond Leven.

Op het vlak van preventie is er nog wel winst te behalen bij de Drenten. In Drenthe hebben gemiddeld meer volwassenen overgewicht dan in de rest van Nederland (55,9% vs. 50,0%), hebben meer mensen langdurige ziekten of aandoeningen (36,7% vs. 34,5%) en wordt er minder bewogen (46,1% van de Drenten voldoet aan de beweegrichtlijn vs. 48,9% gemiddeld in het land). (zie grafieken % overgewicht, % langdurige ziekten of aandoeningen en % voldoet aan de beweegrichtlijn). Dit beeld past bij een rurale provincie waar voorzieningen verspreid zijn en waar vergrijzing en sociaal-economische factoren de leefstijl en gezondheid beïnvloeden. Wanneer we verder inzoomen op de gemeenten dan laat de regio Emmen vaker een ongunstig beeld zien op deze indicatoren, terwijl Tynaarlo op de indicatoren gunstiger scoort. Deze verschillen in gezondheidsuitkomsten lijken sterk samen te hangen met de patronen die we zien bij het thema bestaanszekerheid. Gemeenten waar inwoners gemiddeld vaker te maken hebben met financiële onzekerheid en lage inkomens, laten ook vaker minder gunstige gezondheidsuitkomsten zien. Dit vraagt een integrale aanpak waarbij de zowel gezondheid, preventie en sociaal-economische aspecten worden meegenomen.

Een mooi voorbeeld hiervan is de subsidie die vanuit de Sociale Agenda is verstrekt voor de uitrol van een basisaanbod van (erkende) Kansrijke Start interventies in elke Drentse gemeente. Het landelijke actieprogramma Kansrijke Start kent drie actielijnen met bijbehorende (erkende) interventies: voor de zwangerschap, tijdens de zwangerschap en na de zwangerschap/geboorte. Het aanbod aan deze (erkende) interventies verschilt op dit moment per gemeente in Drenthe. Momenteel maakt het dus letterlijk uit waar je wieg staat. Om in iedere gemeente een uniform basisaanbod te kunnen bieden gaat de GGD Drenthe inzetten op scholing en training van professionals die desbetreffende interventies in het basisaanbod gaan uitvoeren. Gelijktijdig wil men monitoren wat het effect is van een basisaanbod Kansrijke Start. Hiermee maakt het straks niet meer uit in welke gemeente je woont, maar heeft iedereen gelijke kansen op ondersteuning. Daarnaast zijn worden de Kansrijke Start interventies voornamelijk ingezet bij de kwetsbaardere inwoners. (lees verder in het interview)

Eén van de interventies die onder Kansrijke Start valt is de Gezonde School aanpak. Hierbij draait alles om het bevorderen van fysieke, mentale en sociale gezondheid van leerlingen. Met een subsidie uit de Regiodeal Zuid- en Oost Drenthe kan deze aanpak uitgerold worden over alle scholen (PO, VO en MBO) in de Drentse gemeenten Borger-Odoorn, Coevorden, Emmen en Hoogeveen. Met behulp van de subsidie kan dit verder uitgebreid worden naar de rest van Drenthe. Dit levert een belangrijke bijdrage aan het leggen van een goede basis voor de (mentale) gezondheid van kinderen en jongeren (lees meer). Daarnaast is in november is het Transformatieplan Mentale Gezondheid in Drenthe officieel goedgekeurd. Daarmee heeft zorgverzekeraar Zilveren Kruis € 28,2 miljoen beschikbaar gesteld voor de uitvoering die de komende twee jaar gaat plaatsvinden. Een enorme mijlpaal door Drenthe! Hierin worden ook succesvol bewezen aanpakken, zoals STORM, verder uitgebreid onder de Drentse jongeren.

Niet alleen de Drentse jongeren, maar ook de volwassenen worstelen steeds meer met hun mentale gezondheid. En dit terwijl de wachtlijsten van de specialistische GGZ zorg oplopen. Om deze zorg voor iedereen beschikbaar te houden is er een andere aanpak nodig. Daarom hebben we de pilot wandelcoaches in Assen ondersteund. Wandelcoaches zijn professionals uit de zorgsector die, al lopend in de natuur, mensen helpen om veerkracht op te bouwen en weer in balans te komen. De pilot onderzoekt of – bij bewezen effect – de aanpak structureel opgenomen kan worden in het zorg- of welzijnsaanbod. Lees meer over de pilot. De resultaten worden in de loop van 2026 verwacht.

Eén van de oorzaken van de mentale kwetsbaarheid van de Drentse volwassenen kan zijn dat er steeds vaker mantelzorg wordt verleend. Mantelzorg wordt voornamelijk verleend door 50- tot 75-jarigen, met name aan thuiswonende ouderen van 85 jaar en ouder. De komende jaren neemt het aantal 85-plussers in Drenthe sterk toe, terwijl de groep potentiële mantelzorgers juist afneemt. Dit zorgt voor een verschuivende verhouding tussen beide groepen. De belangrijkste aanleiding voor ontvangen van mantelzorg is het hebben van dementie. Om de inwoners van Drenthe bewust te maken van de impact van dementie op de samenleving heeft de Provincie Drenthe samen met alle Drentse gemeenten, Zilveren Kruis, Netwerk Dementie Drenthe en Alzheimer Nederland in 2022 het convenant dementievriendelijk Drenthe 2023 – 2026 ondertekend. Eén van de initiatieven die we uitvoeren in het kader van het convenant is dat we casemanagers dementie ondersteunen (lees meer over het Netwerk Dementie Drenthe). Om het taboe rondom dementie verder te doorbreken hebben de Staten de motie On Tour, taboedoorbrekend Drenthe Dementie Vriendelijk aangenomen. Om invulling te geven aan deze motie wordt in samenwerking met de Peergroup en Netwerk Dementie Drenthe gewerkt aan een voorstelling rondom het thema dementie. In 2026 zal dit verder uitgewerkt worden.

Eén van de uitgangspunten van de Sociale Agenda is dat de initiatieven die we ondersteunen impact hebben op het leven van de Drentse inwoners. Dit doen we niet alleen vóór de inwoners, maar ook mét de inwoners. Zorgbelang Drenthe is hierin een belangrijke samenwerkingspartner. Om de dialoog tussen professionals en inwoners in Drenthe de komende jaren te faciliteren en versterken steunen we De Drentse Dialoog. Hierin wordt een gesprek met de Drentse samenleving gevoerd aan de hand van de burgerberaadprincipes: samen met inwoners besluiten over de toekomst van zorg, welzijn en ondersteuning in Drenthe. De voorbereidingen zijn in volle gang en de opbrengst wordt in 2026 verwacht. De Drentse Dialoog is geborgd in de werkgroep Inwonersbetrokkenheid en Gelijkwaardig Samenwerken van de Gezonde Marke.

Hoe gaan we verder?


We blijven aansluiten bij het netwerk Gezonde Marke en haar coalities en werkgroepen. Daarbinnen werken gemeenten en zorg- en welzijnsorganisaties aan de verbeteringen en transformaties die nodig zijn. De provincie ondersteunt de beweging van de Gezonde Marke, verbindt en kan waar nodig een ‘plus’ zetten op de activiteiten uit de werkagenda 2025 en verder.

Zo verwachten we in 2026 de Drentse mantelzorgers te ondersteunen om verder te bewegen naar een mantelzorgvriendelijke provincie en met als uiteindelijke doel om mantelzorg toekomstbestendig te kunnen houden.

Verder zien we een grote opgave in de huisartsenzorg, vooral in zuidoost Drenthe. Er zijn te weinig huisartsen en het vinden van geschikte huisvesting vormt een extra obstakel. Berekeningen laten zien dat de tekorten in de komende jaren verder zullen toenemen. Enkele praktijken nemen nu zelfs al geen nieuwe patiënten aan. Om deze zorgwekkende trend te keren zijn we samen met de gemeenten, zorgverzekeraar en Dokter Drenthe aan het zoeken naar passende oplossingen. De ambitie is om een integrale aanpak te ontwikkelen waarbij zowel de lange als korte termijn problemen structureel aanpakt worden. Dit vraagt mogelijk om onconventionele inspanningen waarbij er buiten de gebaande paden wordt gekeken naar mogelijkheden. Eén van de inspanningen is het opzetten van een lobby om meer huisartsen uit de regio op te leiden, omdat onderzoek laat zien dat zij vaker terugkeren naar de regio om te werken. Zo zetten we ons in om de huisartsenzorg nu en in de toekomst voor iedere Drent toegankelijk te houden.

Daarnaast verkennen we wat we vanuit de Sociale Agenda kunnen bijdragen aan Drentse woonzorginitiatieven in samenwerking met het programma Wonen. Door passende woonzorgvormen kan zwaardere, duurdere zorg op lange termijn voorkomen worden en biedt het meer zelfstandigheid en levenskwaliteit aan mensen in kwetsbare situaties die hier gebruik van kunnen maken.

Het toekomstbestendig houden van de zorg loont veel als we starten met preventie bij jeugd of jongeren. Daarom verkennen we waar we een ‘plus’ kunnen zetten op bestaande of nieuwe initiatieven die de (mentale) gezondheid van onze jeugd, zoals de Drentse Gezonde School-aanpak, initiatieven uit Nij Begun of het transformatieplan mentale gezondheid. Rondom mentale gezondheid voor jeugd wordt er nadrukkelijk samenwerking gezocht tussen de Drentse Gezonde School-aanpak en de aspecten uit het Transformatieplan Mentale Gezondheid die jeugd betreffen.

Daarnaast wordt vanuit de Gezonde Marke de beweging ‘werken aan gezondheid via bestaanszekerheid’ opgestart. Door middel van actieonderzoek gaan we op één of meerdere plekken in Drenthe aan de slag met het signaleren en bieden van nieuwe vormen van passende (tijdelijke) ondersteuning voor mensen in complexe kwetsbare situaties. We richten ons in eerste instantie op inwoners/gezinnen in Drenthe die te maken hebben met een combinatie van bestaans(on)zekerheid en medische en/of mentale problematiek.

Een andere beweging die we zien is dat er steeds meer ingezet wordt op preventie door de leefomgeving op een gezonde manier in te richten. In Drenthe gaat het programma ‘Hét Scandinavië van Nederland’ van start met een kick-off begin 2026 vanuit de Regiodeal Zuid- en Oost-Drenthe. Ook bij de EO Wijersprijsvraag van 2025 staat gezondheid centraal door ontwerpers uit te dagen om ruimtelijke ingrepen te bedenken die bijdragen aan een gezonde levensstijl, zoals bevordering van beweging en gericht op mentale gezondheid. De Drents Overijsselse ontginningen is één van de drie geselecteerde regio’s waarop ontwerpers nu kunnen ontwerpen. In de zomer van 2026 wordt de winnaar bekend en gaan we kijken wat we daarvan kunnen leren voor de rest van Drenthe.

Al met al staat Drenthe voor een grote transformatieopgave om de beweging van zorg naar gezondheid te maken. Hieraan werken we samen met de Gezonde Marke aan de hand van het Regioplan en de bijbehorende werkagenda. Op onderdelen hebben we echter ook het Rijk nodig om de opgave op effectieve wijze te stimuleren, formuleren en realiseren. Daarom willen we vanuit de werkgroep Lobby van de Gezonde Marke in 2026 ons netwerk met het Rijk verder verwerken en lobbyactiviteiten inzetten wanneer er meer nodig is dan de reguliere beleidsinstrumenten.